FLAMENCO (1)

Innovatieve flamenco werd uitgevoerd door het echtpaar Lole y Manuel. Het album Nuevo Dia (1975) was een fusie tussen flamenco en Arabische muziek, ook is er enige invloed van de hippie-muziek.

Lole Montoya bezingt het aanbreken van een nieuwe dag. De vertaling is van mij, met hulp van Luc Stevens.

Lole Y Manuel: Nuevo Dia

El sol, joven y fuerte,                         De zon, jong en krachtig
ha vencido a la luna,                         Heeft gewonnen van de maan
que se aleja impotente,                     Die zich onmachtig terugtrekt
del campo de batalla.                         Van het strijdtoneel

La luz vence tinieblas                        Het licht wint van de duisternis
por campiñas lejanas,                        Over verre akkers
el aire huele a pan nuevo,                 ruikt de lucht naar vers brood
el pueblo se despereza,                     Het volk rekt zich uit
ha llegado la mañana.                       Bij het ochtendgloren

Al amanecer,                                      Bij de dageraad
al amanecer,                                      Bij de dageraad
con un beso blanco                           Met een kus
yo te desperté.                                   maak ik je wakker

La noche llegó,                                  De nacht is voorbij
la noche llegó,                                    De nacht is voorbij
porque la montaña                            Want de bergen
se ha tragao al sol.                            verslinden de zon

Y en la montaña                                En in de bergen
se oye un eco de gemíos,                  Hoor je een echo van het kreunen
el viento ha quebrao un junco           De wind heeft een takje gebroken
que ya estaba florecío.                      dat reeds in bloei stond

¿Por qué se ha escondío el sol?         Waarom speelt de zon verstoppertje?
Se quea muda de pronto                   Plotseling wordt ze doof
la flauta del gorrión.                         voor het gefluit van de mus

Saca la red, hermano saca la red,    Haal het visnet in, vriend haal het visnet in
que ya ha salío la luna,                      De maan schijnt al weer
no la vayas a coger.                           Die laat zich niet stoppen

Ayer cuando amaneció,                     Gisteren bij de zonsopgang
una mariposa blanca,                          Een witte vlinder
de un lirio se enamoró.                     werd verliefd op een lelie.

que si, que si, que no, que no            Jazeker, Jazeker of toch niet, toch niet
que tu a mi no me quieres                Jij hebt me niet zoveel lief,
como te quiero yo                              zoals ik jou liefheb.

Lole (1954) is een dochter van de Algerijnse flamenco-zangeres La Negra. En Lole kreeg met haar man, gitarist en , componist en zanger Manuel Molina een dochter in 1980, Alba Molina die op haar beurt fotomodel, zangeres en danseres werd. Hier een optreden van oma, haar dochter en kleindochter. Opvallend is hoe de stemmen op elkaar lijken.

La Negra, Lole Montoya y Alba Molina: Bulerias  

Buleria is een vrolijken speelse flamencostijl, waarbij gitaar en zang en dans perfect samengaan en waarbij naar een hoogtepunt toe wordt gewerkt.

Flamenco is een fusie tussen de volksmuziek van Andalusië en de muziek van zigeuners, in Spanje gitanos genaamd. Er is al veel geschreven over de oorsprong van Flamenco en die is nog steeds niet erg duidelijk. Tussen 711 en 1492 werd Spanje aanvankelijk vrijwel geheel en – na het begin van de Reqonquista steeds minder – overheerst door de Arabische cultuur. De moslims introduceerden de driesnarige Guitarra Morisca en droegen emotionaliteit bij. De zangers probeerden hun publiek zo in vervoering te brengen, dat zij onder invloed van ‘Tarab’, het Arabische equivalent van ‘duende’, hun kleding verscheurden en over de grond rolden.
De Christenen in de 12e en 13e eeuw zongen ballades, ‘cantigas’. En met de Christenen kwamen ook zigeuners vanuit het noorden Spanje binnen. Hun oorsprong lag in India, waar ze ca. 5 eeuwen eerder waren vertrokken. Zij waren expert in metaalbewerking (‘ketellappers’) en ze kenden een sterke traditie van muziek en dans.

Tegelijkertijd, vanaf 1500 ongeveer, begon de exploratie van Afrika, in Sevilla ontstond de grootste slavenmarkt van het Iberisch schiereiland, en de verovering van Zuid-Amerika. Hierdoor zouden ook de zwarte muziek en uiteindelijk ook de Latijns-Amerikaanse muziek invloed krijgen op de Andalusische muziek.

Met het verdrijven in de 16e eeuw van Joden en Arabieren uit de katholieke samenleving moesten ook de gitanos het ontgelden. Grote aantallen werden door de Inquisitie gemarteld, gebrandmerkt of in de gevangenis opgesloten. In 1749 werden alle gitanos in Spanje opgepakt en drie maanden in de gevangenis gezet.
De muziek van de gitanos bleef aanvankelijk beperkt tot de familiekring en de teksten handelden meestal over hun lijden: honger, gevangenis en dood.

De dichter Félix Grande (1937-2014) schreef over de vervolging van de Gitanos: Persécution (Vervolging). Juan Peña (1941) bijgenaamd El Lebrijano zette de gedichten op een album.

Juan Peña “El Lebrijano”: Persécution (het zingen begint na ruim 2 minuten)

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *